Ervaringen Ger

Enkel Stockholm

Toen ik in 2011 na een herseninfarct (CVA) met een ambulance naar Hoensbroek werd gebracht om te revalideren, begon mijn leven opnieuw. Ik was op slag linkszijdig verlamd en hield restverschijnselen over tengevolge van een litteken in mijn brein. Alsof je net geboren bent moet je “alles”opnieuw leren. Door abrupte zorg omringd, werd ik overdadig in de watten gelegd maar;  “er werd me geen rozentuin beloofd”.

Echter, in het revaliderend deel van de gezondheidszorg kom je geen papa en mama tegen die je uitleg geven en wegwijs maken (op een enkele uitzondering na, hier en daar een engel, geef ik toe). Revalidatie is een hoge snelheidstrein. Je wordt er per rolstoel in gereden en vertrekt vervolgens naar een onbekende bestemming. De wachttijden zijn die van de NS in de winter, alleen hoor je geen omroepberichten van wijzigingen en vertraging. In ‘n gang moet je soms vlug aan de kant om een voorbijrazende lokatiemanager met zijn Harley langs te laten. Gelukkig wordt je vlug genoeg weer in de trein geholpen, die je denderend meeneemt naar onbekende stations. Je raakt er ontheemd van en (te) snel het spoor bijster.

Daar zit je dan in een rolstoel met een hoofd “dat het niet meer doet”. Je begrijpt niks meer van wat zich daarboven in het zenuwencentrum voordoet. Zo’n acuut infarct maakt je een volslagen leek en de zorg om je heen laat zien dat men verwacht dat het ook zo blijft. Bij dat ontheemde gevoel groeit dan ook een groot gevoel van verlatenheid en huiver.

Ik leefde maanden in een emplacement waar men mij in alles te snel af wilde zijn. Zo ben ik super op mijn hoede geraakt en dat is goed. Want de “eerste keer”dat ik buiten kwam bleek die buitenwereld angstaanjagend belust op snelheid, tempo, vaart en kan het niet wat sneller mentaliteit! Iedereen moet opschieten, nee “doorpakken”dat is het nieuwe woord. Het tempo van “De wereld draait door “is een goede metafoor, maar zou net zo gemakkelijk: “De wereld drááft” door mogen heten.


Intussen vereenzelvig je onwetend met je ziekte en je psychische gesteldheid die bij gegijzelden bekend geworden is als het 'Stockholm Syndroom'.* Deze gesteldheid, die niet begrepen of onderkend wordt, bracht mij in hopeloze verwarring terecht. Zo’n snelheidsverdwazing verklaart misschien de medische fouten die tegenwoordig aan het licht komen.

Samen met het reeds genoemde behandelingstempo, onstond een gevaarlijk situatie die mij hevig verontruste, vermoeide en naar rust deed snakken. Ik werd een angstige wantrouwende man die al in de revalidatie aan zijn redding wilde werken. Ik voelde me niet veilig en snakte naar vertrouwdheid en een omgeving waar ik op rekenen kon, maar de hele wereld om me heen had het te druk, ieders hoofd leek naar andere zaken te staan.

Een liedje van de blinde cabaretier Jules de Korte “hallo koning onbenul” ging vaak door mijn hoofd. Ik was in een wereld beland die (vol onbenul) de handen vol had aan zichzelf en niet gewend is om zich de tijd te nemen om zaken te begrijpen en te doorgronden. In onze regio met zijn katholiek-christelijke trekjes bestaat wel nog een snufje naastenliefde, maar van actief rekening houden met een gehandicapte is niet veel meer dan een mespuntje over.

Een gehandicapte staat in de keuken van deze voortrazende wereld te vlug in de weg.

Omdat ik me moest voorbereiden op het “gewone leven “ was ik blij dat ik Jeu Goossens kende. Ik wist van zijn ervaringen in de zorg en van zijn besluit om een zelfstandige weg in te slaan. Dat is Buro Compleet geworden. Ik nam me in Hoensbroek al voor dat ik terug in Sittard meer van het Compleet-aanbod wilde weten, want voor de rest wist ik van toeten nog blazen, maar wel dat ik niet zonder aanvullende hulp en ondersteuning verder kon. Buro Compleet houdt met mij de vinger aan de pols en ondersteunt mij, wat ik graag wil en nodig vind, met zoveel mogelijk zelfstandig te kunnen doen, zoals naast het gebruikelijke werk:

  • Het kritisch volgen van de wekelijkse medicatie
  • Begeleiding bij mijn looptraining
  • Ondersteuning bij het werken aan “Zjaer is wir truk”, mijn kleinkunsttour Zjaer Bataille (psdn. Ger Bertholet)


De naam Stockholmsyndroom is ontstaan als gevolg van een gijzeling in de Kreditbanken in Stockholm van 23 tot 28 augustus 1973. De gijzelaars ontwikkelden een band met hun gijzelnemers en lieten zich ook na hun bevrijding positief uit over hen. Twee van de gevangen genomen vrouwen verloofden zich zelfs met hun gijzelnemers. De psycholoog Nils Bejerot, die de politie bijstond, was degene die met de naam op de proppen kwam.